Prostitutie

INLEIDING
Het “oudste beroep ter wereld” bevindt zich in een legale schemerzone in België. Er woedt een debat over het legaliseren dan wel het criminaliseren van prostitutie.
Prostitutie is het kopen en verkopen van seksuele handelingen. De meeste sekswerkers zijn vrouwen (80%) en de meeste klanten zijn mannen. Er bestaan echter ook mannelijke (5%) en transgender sekswerkers (15%), alsook vrouwelijke klanten. Er zijn verschillende vormen van prostitutie, waarbij een belangrijk onderscheid wordt gemaakt tussen vrijwillige en onvrijwillige prostitutie. Soorten prostitutie zijn raamprostitutie, straatprostitutie (tippelen), prostitutie in een privéwoning, escortservices, barprostitutie en prostitutie in massagesalons.  In België telt de federale politie ongeveer 25000 prostituees. 
14% van de Belgische mannen is ooit naar een prostituee geweest.  Uit onderzoek blijkt dat 75% van de klanten prostituees verkiest onder de 25 jaar. Uit internationaal onderzoek blijkt dat 20% een prostituee verkiest die jonger is dan 18 jaar.  Uit onderzoek van de VN blijkt dat de helft van de klanten doorgaat met seksuele handelingen, zelfs indien er duidelijke aanwijzingen zijn dat de prostituee minderjarig is.  De gemiddelde prijs voor een seksuele handeling in Brussel is €15-20.  In België genereert prostitutie een geschatte omzet van 870 miljoen euro. Dat zijn de resultaten van een gezamenlijke studie van de Nationale Bank en van de KU Leuven in september 2015.
Sekswerkers bevinden zich in een enorm kwetsbare positie. Velen onder hen hebben post-traumatische stress stoornis. Hun beroepssterftegraad ligt 40 keer hoger dan bij de gemiddelde bevolking. Er is een duidelijke correlatie tussen seksueel misbruik op jonge leeftijd en het belanden in prostitutie. 71% van de prostituees hebben fysiek geweld meegemaakt door hun werk, 62% is verkracht geweest. 89% wil weg uit de sector, maar ziet geen andere opties om te overleven. 
 
BELGISCHE WETGEVING

WETTELIJKE BEPALINGEN

De Belgische regelgevende bevoegdheid zit verspreid over 2 actoren: naast een reglementering op federaal niveau bestaat er ook regelgeving op gemeentelijk niveau. De strafwetsbepalingen inzake prostitutie zijn een bevoegdheid van de staat. Het komt erop neer dat prostitutie op zichzelf niet strafbaar is maar wel de exploitatie ervan, ongeacht of ze uit vrije keuze van de betrokkene gebeurt of niet(artikel 380 §1, 4° Sw.).
België keurde in 1965 de ‘Overeenkomst ter bestrijding van de handel in mensen en van de exploitatie van prostitutie’ goed, waarover in 1950 een internationale conventie was gehouden in New York. Daarvoor had het al in 1914 en 1936 het begrip 'mensenhandel met het oog op seksuele uitbuiting' voor de eerste keer specifiek opgenomen in de Belgische wetgeving ter bestrijding van handel in vrouwen en meisjes. In 1956 werd de toenmalige regelgeving over prostitutie afgeschaft. Een arbeidsovereenkomst is in het huidige strafrechtelijke systeem illegaal.

GEDOOGBELEID

Niettemin voeren de meeste gemeentes en steden in België een gedoogbeleid. In sommige gevallen worden prostituees zelfs ingeschreven in de horecawetgeving als diensters. Het is echter de vraag in welke mate prostituees hiermee bescherming genieten dan wel uitgebuit worden. In Brussel vindt men veelal zetels terug in bordelen in plaats van bedden. Het plaatsen van bedden in de kamers zou immers impliceren dat er betaald wordt voor seks, wat illegaal zou zijn. Om dezelfde reden ontbreken douches, met alle hygiënische gevolgen van dien.  Vervolgingen worden zelden ingesteld, wat leidt tot een bloei van illegale praktijken maar ook tot een arbitraire uitoefening van de bevoegdheid van het parket. Er bestaat dus in België een kloof tussen praktijk en wet.  


MENSENHANDEL

Prostitutie kan niet los gezien worden van internationale mensenhandel. 79% van de slachtoffers van mensenhandel komt terecht in prostitutie.  69% van alle slachtoffers van mensenhandel worden verkocht met het oog op seksuele exploitatie. Dit betreft bijna allemaal vrouwen en meisjes (95-96%). 70% van de mensenhandelaars is man.  
70% van de prostituees in Brussel zijn Bulgaars, de meeste anderen zijn Roemeens (15%) of Albanees (10%).  Deze homogene groepen wijzen in de richting van georganiseerde mensenhandel, wat naast drugshandel de grootste illegale economie is in Europa. De meeste prostituees komen uit Thailand, China, Nigeria, Albanië, Bulgarije, Wit-Rusland, Moldova en Oekraïne. Ze komen vooral terecht in Thailand, Japan, Israël, België, Nederland, Duitsland, Italië, Turkije en de Verenigde Staten.  
De internationale en (meeste) nationale wetgeving rond mensenhandel volstaat. Het aantal vervolgingen is echter beschamend laag of zelfs onbestaande. Een cultuur van straffeloosheid wordt gecreëerd. Binnen een internationale context ontbreekt politieke wil om mensenhandel voor seksuele exploitatie aan te kaarten, al is dit de grootste eindbestemming voor vele slachtoffers. In de meeste Europese lidstaten is het niet strafbaar om (seksuele diensten) aan te kopen van slachtoffers van mensenhandel.  Lidstaten zijn echter verplicht volgens de Europese Richtlijn tegen Mensenhandel (art. 18) om de vraag die alle vormen van exploitatie doet groeien te bestrijden. 
De herhaaldelijke exploitatie van het lichaam maakt dit een erg lucratieve business (goederen kunnen slechts een beperkt aantal keren verhandeld worden). 
België tekende het Verdrag van de Raad van Europa ter bestrijding van mensenhandel. Als antwoord op een recente evaluatie van de opvolging van dit verdrag, stelde Minister Geens dat België buitenlandse voorbeelden zal onderzoeken over hoe met mensenhandel en de link met prostitutie wordt omgegaan. Verder stelde de minister dat meer zichtbaarheid moet gegeven worden aan de problematiek. 

LEGALISERING OF CRIMINALISERING?

In het debat dient een belangrijk onderscheid gemaakt worden tussen legalisering en decriminalisering. Decriminalisering betekent het verwijderen van wetten die sekswerkers als misdadigers bestempelen. Legalisering komt neer op het introduceren van nieuwe wetten en beleid die formele regels invoeren voor sekswerk. In alle landen waar prostitutie gelegaliseerd is, bestaat er hier dus specifieke wetgeving rond. Gedwongen prostitutie bijvoorbeeld, is in alle landen waar prostitutie gelegaliseerd is illegaal. 

ARGUMENTEN VOOR DE LEGALISERING VAN PROSTITUTIE
  • Vraag uit de sector zelf. Indien het een vrijwillige keuze is om prostituee te zijn mag niemand verbieden dat individuen ertoe besluiten om seks te verkopen in ruil voor geld;
  • Erkenning is de enige manier om prostitutie uit de illegaliteit te halen (sociale wetgeving wordt toegepast, zwartwerk wordt tegengegaan);
  • Arbeidsovereenkomst biedt bescherming op vlak van arbeidswetgeving en sociale zekerheid;
  • Door het legaliseren van prostitutie zullen prostituees minder schrik hebben om naar de politie te stappen bij misbruik;
  • Legalisering betekent meer belastinginkomsten voor de staat;
  • Legaliseren betekent reguleren: verplicht gebruik van condoom bij seksuele handelingen zou leiden tot minder SOA’s en HIV/aids;
  • Het bannen van bordelen (cfr. Zweden) leidt ertoe dat prostituees kwetsbaarder zijn: ze moeten tippelen, meer risico’s nemen, de prijzen zakken, …
ARGUMENTEN TEGEN DE LEGALISERING VAN PROSTITUTIE

  • De staat als pooier: Door de legalisering erken je dat het menselijk lichaam een algemeen voorwerp is van financiële transacties. Dit impliceert ook dat anderen winst kunnen maken op basis van de exploitatie van een menselijk lichaam; 
  • Het legaliseren van prostitutie zal niet afdoen aan het criminele karakter van het prostitutienetwerk. Sterker nog, het organiseren van een geregulariseerde prostitutiesector doet een niet-geregulariseerde sector ontstaan met voornamelijk illegale en/of minderjarige meisjes;
  • Moreel gezien is prostitutie verkeerd. Het reduceren van seksuele handelingen tot financiële transacties ondermijnt normale menselijke relaties. Het versterkt eveneens een misogyn beeld;
  • Het merendeel aan prostituees komt terecht in de sector via mensenhandel. Van vrije keuze is dus weinig sprake;
  • Het legaliseren van prostitutie zet mensen aan tot het kopen van seksuele handelingen. Hier is altijd een gezondheidsrisico aan verbonden (SOA’s, HIV/aids, …) 
  • Het legaliseren doet mensenhandel toenemen; 
  • Het legaliseren van sekswerk zet prostituees ertoe aan om op zelfstandige basis te werken (contracten worden in de praktijk zelden gegeven), waardoor de industrie geen sociale zekerheidsbijdragen moeten betalen. Ook op deze manier zijn prostituees erg kwetsbaar;
  • Prostitutie kan niet gezien worden als een ‘job als een ander’. Evenmin kan het beschouwd worden als een zakelijke transactie tussen gelijke partners;
  • Legalisering is een witwasoperatie op nooit geziene schaal: elke crimineel kan plots legaal zakenman zijn.
  • 75% van alle escort-prostituees (die over het algemeen in betere omstandigheden leven) heeft een zelfmoordpoging ondernomen. 
BUITENLANDSE VOORBEELDEN

Zowel in de Europese als in de internationale context wordt de nadruk van de regelgeving hoofdzakelijk gelegd op de strijd tegen mensenhandel met het oog op seksuele exploitatie. Het al dan niet strafbaar stellen van het beroep van prostituee is een nationale kwestie waarover de internationale autoriteiten zich niet eenvormig uitspreken.  
De visies op prostitutie zijn doorheen de jaren gewijzigd en dat heeft tot een aantal wetswijzigingen geleid in de verschillende Europese lidstaten. Het huidige debat hieromtrent gaat twee hoofdrichtingen uit: er is een stroming voor het legaliseren van prostitutie en een andere voor de afschaffing en vervolging ervan.

(GEDEELTELIJKE) LEGALISERING

Nederland
Van 1911-2000 heerste een bordeel- en pooierschapverbod in Nederland, wat de facto neerkwam op een gedoogbeleid. De Nederlandse overheid heeft het bordeelverbod en pooierverbod opgeheven in 2000. Gemeentes regelen het beheer van de bordelen, waarbij overeenkomsten worden gesloten met de bordeelhouders. De politie dient de overeenkomst te controleren. Voorwaarden zijn dat de prostituees niet minderjarig zijn, dat het bordeel de wettelijke overeenkomsten volgt, en dat er gewaakt wordt over de gezondheid van zowel de prostituees als de klanten. Het uitgangspunt was het fundamentele recht volgens internationale conventies en de Nederlandse grondwet om zijn of haar beroep vrij te kunnen kiezen. Verder werd ervan uitgegaan dat legalisering het criminele karakter van de branche zou doen verminderen. 
Opmerking: Volgens schattingen heeft de legalisering als gevolg dat het aantal geregulariseerde prostituees gedaald is. Naast deze geregulariseerde sector ontstond er immers een niet-geregulariseerd netwerk waarin voornamelijk illegale en/of minderjarige meisjes werden uitgebuit. De politie heeft zelf toegegeven in haar rapport 'Schone schijn, de signalering van mensenhandel in de vergunde prostitutiesector' dat de aanpak niet werkt. Volgens het rapport is naar schatting 50 tot 90 procent van de vrouwen in de legale bordelen terechtgekomen via mensenhandel.  In de praktijk blijkt dat erg weinig bordelen of escortdiensten officiële contracten aangaan met prostituees. Deze worden eerder beschouwd als zelfstandigen, waardoor de seksindustrie geen sociale zekerheid dient te betalen. Nederland heeft 10 keer zoveel prostituees als Zweden.  

Duitsland
Duitsland legaliseerde prostitutie door bordelen te vervangen door een soort van ‘sekssupermarkten’. De schijn wordt gewekt dat de prostituee op zelfstandige basis werkt, maar politiecontrole is zo goed als onbestaande. Sinds 2002 krijgen prostituees sociale bescherming, maar dit beschermt hen niet tegen geweld en uitbuiting. De legale prostitutie-industrie in Duitsland is zo’n 16 miljoen euro waard. De belasting die hierop geheven wordt, is een belangrijke bron van inkomsten voor de steden en gemeentes. 
Opmerking: Waar de staat beoogt om prostituees te beschermen, leidt dit echter tot een verdere commercialisering van sekswerk met weinig effectieve bescherming in ruil.  Een rapport van het Duitse Ministerie van Familie beoordeelde dat er een decennium na de legalisering geen noemenswaardige verbetering merkbaar was in de sociale bescherming van prostituees. Sinds de legalisering zijn naar schatting slechts 44 van de 400.000 prostituees officieel geregistreerd bij de sociale zekerheid.  Er was tevens geen bewijs dat legalisering ertoe had geleid dat het criminele karakter van de sector was afgenomen. Een derde van alle Duitse openbare aanklagers stelt dat de legalisering van prostitutie hun werk in het vervolgen van mensenhandel en pooierschap moeilijker heeft gemaakt.  

Nevada (Verenigde Staten van Amerika)
Nevada legaliseerde prostitutie onder erg strenge voorwaarden. Prostituees van geregistreerde bordelen dienen wekelijks een medisch onderzoek te ondergaan. Condooms dienen verplicht gebruikt te worden voor alle seksuele handelingen. Indien een klant een ziekte oploopt, kan de eigenaar van het bordeel aansprakelijk gesteld worden. Prostitutie buiten geregistreerde bordelen is illegaal. Uit onderzoek blijkt dat de legalisering ertoe geleid heeft dat risico op geweld tegen prostituees gedaald is, alsook het risico op de verspreiding van seksueel overdraagbare ziektes.  Niet alle provincies in de staat Nevada voerden de legalisering door. 

Denemarken
Prostitutie werd gedecriminaliseerd in 1999. Pooierschap blijft illegaal. In 2009 werd een evaluatie gehouden. De belangrijkste aanpassing werd doorgevoerd wat betreft het kopen van seksuele handelingen door minderjarigen (= strafbaar). Verder werd het mogelijk gemaakt voor derden om betrokken te zijn bij prostitutieactiviteiten, zolang er geen sprake is van exploitatie. Een studie uit 2009 wijst uit dat 65% van alle prostituees arbeidsmigranten zijn, voornamelijk uit Thailand, Oost-Europa en Nigeria.  
61% van de Denen vindt dat prostituees meer rechten moeten hebben en dat hun werk officieel erkend dient te worden.

Verenigd Koninkrijk
Engeland, Wales en Schotland: prostitutie zelf is legaal, gerelateerde activiteiten (tippelen, bordeel houden, pooierschap, …) zijn verboden. Er is echter sprake van een gedoogbeleid. 
Noord-Ierland: prostitutie is illegaal sinds 2015

(GEDEELTELIJKE) CRIMINALISERING

Zweden 
In Zweden wordt prostitutie officieel beschouwd door de regering als een vorm van seksueel geweld tegen vrouwen en kinderen. In 1999 ging Zweden over tot een criminalisering van prostitutie. Het betalen voor seksuele diensten is strafbaar. Het verkopen ervan is echter niet strafbaar (de prostituee kan nooit vervolgd worden). Bovendien kunnen Zweden die betalen voor seks in een land waar dit illegaal is hiervoor vervolgd worden in hun eigen land. Er wordt gesuggereerd om dit uit te breiden tot alle landen. Een boete of een gevangenisstraf van 6 maand kunnen opgelegd worden. In de praktijk resulteert het voornamelijk in het opleggen van een boete die in proportie staat met het inkomen van de beschuldigde. Hoofddoel is om de vraag naar prostitutie door kopers, mensenhandelaars en pooiers te doen afnemen. 

In 2002 werd een nieuwe wet ingevoerd ter bestraffing van mensenhandel met het oog op prostitutie. Sinds 2003 is er een enorme toename in het aantal vervolgingen voor de schending van deze wet.

Evaluatie na 10 jaar wet :

  • Aantal prostituees is gedaald, terwijl dit in andere landen gestegen is. Straatprostitutie is met de helft verminderd. Naar schatting zijn er nog 500 straatprostituees in Zweden en komen er nauwelijks bij. Denemarken, met een bevolking de helft van Zweden heeft 3 keer zoveel straatprostituees. Naar schatting is de helft het slachtoffer van vrouwenhandel. 
  • Minder mannen bezoeken prostituees;
  • Geen indicatie dat cijfers voor andere vormen van prostitutie gestegen zijn (prostitutie in hotels, huiskamers, clubs, internet, …)
  • Minder mensenhandel naar Zweden; uit afgeluisterde gesprekken met mensenhandelaren blijkt dat het geen lucratieve business meer is in Zweden. De Zweedse politie beschouwt de criminalisering als een afradend mechanisme voor pooiers en mensenhandelaars.
  • Politie en justitie zijn van mening dat de ban een positief effect heeft;
  • Toename in buitenlandse prostituees, terwijl algemeen cijfer van straatprostitutie gedaald is: is algemeen fenomeen dat ook merkbaar is in andere landen;
  • Politie en voormalige prostituees stellen dat het niet zo is dat klanten sinds de ban hogere eisen stellen en gewelddadiger zijn;
  • De Zweedse politie stelt dat er altijd al een gebrek van vertrouwen is geweest van prostituees in de politie. De ban zou er volgens hen niet toe leiden dat ze minder snel de stap naar de politie zetten. Integendeel: volgens de politie draagt hun aanwezigheid toe aan de veiligheid van de prostituees;
  • Prostituees die vrijwillig aan de slag zijn stellen dat het sociaal stigma verhoogd is en voelen zich opgejaagd door de politie. Prostituees die de sector verlaten hebben zeggen dat de ban hun versterkt heeft en hen minder schuldig doet voelen over hun voormalige job.
  • Veranderende publieke opinie over prostitutie (herhaaldelijke enquêtes): 70% van alle Zweden is positief over de wet. Vooral jongeren zijn er positief over (15-29 jaar).
Neveneffecten:

  • Sekstoerisme van Zweden die naar buitenland gaan is toegenomen;
  • Mensenhandel focust op naburige landen.

Conclusie: Europese en internationale aanpak is vereist!

Noorwegen en Ijsland

Noorwegen (januari 2009) en Ijsland (april 2009) volgden het Zweeds model. 

Frankrijk

In Frankrijk heeft het parlement in april 2016 een wet goedgekeurd waardoor klanten van prostituees strafbaar worden gesteld. Prostitutie op zich is legaal in Frankrijk, maar bordelen, pooiers en minderjarige prostitutie zijn wel verboden. Sinds 2003 waren tippelende prostituees ook strafbaar, maar de nieuwe wet maakt daaraan een einde en legt de focus nu op de klanten. Wie in Frankrijk betrapt wordt bij een prostituee kan voortaan een boete van 1.500 euro krijgen. Bij een tweede keer loopt de boete op tot 3.750 euro. Verder moet de “dader” verplicht een cursus volgen over mensenhandel en de gevaren in de prostitutiewereld.

Finland
Prostitutie is legaal, maar tippelen is strafbaar. De “koper” wordt gestraft indien hij betaalt voor seks met een slachtoffer van mensenhandel. Finland wou gelijkaardige wetgeving als in Zweden doorvoeren, maar de stemming in het parlement werd nipt verloren.


STANDPUNTEN (INTERNATIONALE) ORGANISATIES

European Women’s Lobby: pleit voor het volledig criminaliseren (prostitutie is een vorm van seksueel geweld), de prostituee zelf kan echter niet bestraft worden. In België geniet de Europese Vrouwenlobby de steun van onder andere de Franstalige en de Nederlandstalige Vrouwenraad. 

Europees Parlement: Een niet-bindende resolutie uit 2014 roept lidstaten op om de kopers van seks te bestraffen, in een poging om de vraag naar prostitutie te doen dalen. De resolutie steunt het Zweedse model. EVP-leden brachten een verdeelde stem uit. De resolutie beschouwt prostitutie als een vorm van slavernij, en stelt dat het intrinsiek gelinkt is aan genderongelijkheid.

Europese Commissie: Het regulariseren van prostitutie kan de minst kwetsbare prostituees helpen. De meest kwetsbare prostituees worden echter aan hun lot overgelaten (minderjarigen, vrouwen met migratieachtergrond) en duwt hen nog verder in de illegaliteit.  

Amnesty International: pleit voor het decriminaliseren van prostitutie. Hoewel Amnesty Interntional niet gekant is tegen legalisering, pleit de NGO er ook niet voor. De organisatie neemt een tussenpositie in door zich ertoe te beperken te vragen dat sekswerk niet strafbaar wordt gesteld.  Uit contacten met werknemers van Amnesty blijkt echter dat dit een overhaast standpunt is. 

Verenigde Naties: pleit voor het criminaliseren van activiteiten die gelinkt zijn aan het exploiteren of forceren van meisjes om zich te prostitueren, terwijl er geen wetgeving dient te zijn over de sekswerkers zelf. 
Sigma Huda (VN-Rapporteur over Mensenhandel): prostitutie kan je niet los zien van mensenhandel. Prostitutie, en de weg er naartoe, hebben altijd te maken met machtsmisbruik en kwetsbaarheid. Hierin zijn gender, ras, etniciteit en armoede cruciale factoren. 

Vrouwenraad: wil Zweeds model (al was Magda de Meyer mede-indiener van het wetsvoorstel van sp.a. voor de legalisering van prostitutie). Op basis van het rapport van Moniquet vraagt de Vrouwenraad om strenger op te treden en niet te kiezen voor het huidige gedoogbeleid of een legalisering zoals in Nederland. “Het enige juiste antwoord is enerzijds het strafbaar maken van het ‘kopen’ van seksuele diensten, zoals in Zweden, en anderzijds een sociaal beleid voor begeleiding van prostituees op vrijwillige basis”, zegt Magda De Meyer van de Vrouwenraad.

STANDPUNTEN BELGISCHE POLITIEKE PARTIJEN
  • Jong CD&V: decriminalisering van prostitutie 
  • Sp.a: decriminalisering van prostitutie - Hiervoor werden reeds verschillende wetsvoorstellen ingediend in  2002 (kamer), 2003 (senaat) en 2014 (kamer). 
  • cdH: wil Zweeds model
  • Open VLD: decriminalisering van prostitutie 

STANDPUNT V&M

Prostitutie kan niet losgezien worden van internationale mensenhandel. 79% van de slachtoffers van mensenhandel komt terecht in prostitutie. 69% van alle slachtoffers van mensenhandel worden verkocht met het oog op seksuele exploitatie. Dit betreft bijna allemaal vrouwen en meisjes (95-96%). Het bestaand beleid moet steeds aan de nieuwe ontwikkelingen op het terrein en aan goede voorbeelden uit het buitenland getoetst worden. Prostitutie, en de weg er naartoe, heeft altijd te maken met machtsmisbruik en kwetsbaarheid. Hierin zijn gender, ras, etniciteit en armoede cruciale factoren. Daarom meent V&M dat onderzocht dient te worden of mensenhandel, en bijgevolg prostitutie, vermindert door het Zweeds en Frans model (waarbij het kopen van seksuele diensten gecriminaliseerd wordt, maar niet het verkopen) en of dit toegepast kan worden in België.